Je kunt je cookievoorkeuren instellen met de onderstaande schakelaars. Je kunt je voorkeuren bijwerken, je toestemming op elk moment intrekken en een gedetailleerde beschrijving bekijken van de soorten cookies die wij en onze partners gebruiken in ons Cookiebeleid.
Door Tom | 9 oktober 2020
In de jaren negentig keerde een groep wijnmakers in Bordeaux de wat zij als de bedompte regels van de wijnindustrie beschouwden, de rug toe. Deze onafhankelijke producenten namen hun toevlucht tot kleinschalige productie - ogenschijnlijk klein genoeg om in een garage te passen. Ze werden door het etablissement spottend de garagistes genoemd en hun wijnen werden bekend als ‘garagewijnen’ of 'vins de garage' in het Frans. En toch werden deze zelfde wijnen alom geprezen, waardoor er een sekte-achtige beweging om hen heen ontstond. We vroegen wijn-expert Patricia Verschelling om ons meer te vertellen over deze wijnafvalligen.
De garagistes waren een groep wijnmakers uit Bordeaux die begin jaren 90 hun beweging op de rechteroever begonnen. De beroemde wijn van Château Le Pin werd gezien als een typisch voorbeeld dat het idee van garagewijnen het beste belichaamde, ook al had Le Pin nooit de bedoeling om zo geclassificeerd te worden.

Wijnmakers Château de Valandraud (Jean-Luc Thunevin, het enfant terrible van Saint-Emilion en peetvader van de garagewijnenbeweging), Chateau Tertre-Roteboeuf, La Mondotte, Le Dôme, Château Rol Valentin, La Gomerie en Quinault l'Enclos verdienden allemaal hun status van het produceren van hoogwaardige (en prijzige) garagewijnen in kleine hoeveelheden. De garagiste-beweging bereikte ook wijnregio's in andere delen van de wereld, waaronder de wijngebieden van Californië in de Verenigde Staten.
Garagewijnen zijn hoogwaardige wijnen met een diepe kleur, vol van smaak, doorgaans duidelijke op eikenhout gerijpte aroma's en zijn vaker sneller op dronk. Ze worden in zeer beperkte hoeveelheden geproduceerd door kleine wijnmakerijen. De oogsten zijn gering, aangezien de druiven zorgvuldig zijn geselecteerd en er gebruik wordt gemaakt van ultramoderne wijnbereidingstechnieken. Vanwege deze beperkte productie werd gezegd dat de productie in een garage zou passen, vandaar de naam ‘garagewijn’.
Zoals eerder vermeld, was Le Pin het leidende voorbeeld voor veel garagistes. Even een stukje geschiedenis van Le Pin: het werd in 1979 gekocht door de Belgische familie Thienpont. Op dat moment had het slechts één hectare wijngaard met een heel kleine wijnmakerij die wel wat van een garage weg had. Hun nieuwe benadering van het maken van high-end wijn was heel anders dan de bestaande kwaliteitswijnen geproduceerd door de beroemde kastelen van Médoc, Pomerol en Saint-Emilion. Deze nieuwe stijl werd omarmd door wijnliefhebbers en verhoogde de vraag in de jaren 80, waardoor de prijzen voor Le Pin enorm omhoog gingen.

Een ander sterk figuur die bijdroeg aan de cultstatus van deze wijnen is Jean-Luc Thunevin, die in 1989 zijn Chateau de Valandraud kocht met een wijngaard van minder dan één hectare. De wijn was een hit vanaf zijn eerste wijnjaar. In 1991 werden er slechts 100 kisten geproduceerd, die allemaal snel uitverkocht waren. Wijncritici zoals Robert Parker waren buitengewoon positief in hun recensies, waardoor de vraag naar garagewijnen nog verder toenam.
Van origine waren garagewijnen alleen rode wijnen. Kleine oogsten, kleine productie en zeer nauwkeurige wijnbereiding vormen de belangrijkste kenmerken van garagewijnen. Wat de smaak betreft, is het een pure fruitexplosie, volle van smaak en met duidelijke aroma's van rijping op eikenhout en een zachtere zuurgraad door malolactische gisting.
Ze zijn nog steeds populair, maar de hype die ze in de vroege jaren 90 en 2000 hebben meegemaakt, is voorbij. Ik denk dat deze beweging nieuwe energie heeft gebracht in de klassieke Bordeauxstreek met zijn vele strikte regels opgelegd door AOC (appellation d'origine contrôlée, een Frans certificaat van herkomst). Het opende perspectieven over hoe kwaliteitswijnen kunnen worden geproduceerd. Er wordt veel goedkope wijn gemaakt in Bordeaux en het is niet eenvoudig om die wijnen te verkopen omdat de concurrentie groot is. Er zijn enkele kleine bedrijven die zich richten op hoe ze de lessen van de garagewijnenbeweging in hun wijnen kunnen toepassen om een duurzamer bedrijf te creëren.

Ik kan het niet helpen om een vergelijking te zien tussen de garagewijnbeweging en de Super Tuscans in Italië. In Toscane kwamen de Super Tuscans tot leven doordat wijnmakers high-end wijnen wilden maken door Cabernet Sauvignon en Merlot in hun wijngaarden te verbouwen, ook al was dat op dat moment niet toegestaan onder de DOC-regels. Ze hebben de wijnstokken toch geplant en declasseerden de wijnen van deze druiven als 'tafel wijn'.
In Bordeaux worden de high-end wijnen meestal gemaakt door grote chateaux met enorme financiële middelen en zijn ze voornamelijk terroirgedreven. Micro-wijndomeinen zoals de garagistes wilden wijn van hoge kwaliteit maken met een zeer beperkte productie met de nadruk op het aspect van het nauwkeurig wijnmaken. Zowel de Super Tuscans als de garagistes creëerden een cultstatus omdat ze anders durfden te zijn en vertrouwden op hun bekwaamheid om fantastische wijnen te maken.
____________________
Kom zelf een indie-fles tegen in onze speciale wijnveilingen of registreer je als verkoper op Catawiki.
Ontdek meer wijn | Bordeaux Grand Cru Classé en Pomerol wijn
Deze artikelen vind je misschien ook interessant:
Waarom je op Duitse wijn zou moeten letten
De geheime geschiedenis van Oostenrijkse wijn
Alles wat je moet weten over biologische wijn